Creatief vermogen binnen wereldoriëntatie

Projectmatig werken binnen wereldoriëntatie  

Het creatief vermogen vergroten

In mijn klas zie ik leerlingen die mee willen gaan met hun tijd. Ze vinden het belangrijk om mee te denken over maatschappelijke kwesties en zijn nieuwsgierig naar de wereld om hen heen. Binnen de vakken taal, rekenen en wereldoriëntatie worden andere vaardigheden steeds belangrijker. Steeds vaker vliegt de term ‘21e eeuwse vaardigheden’ ons om de oren. Op basisschool De Biezen willen wij deze 21e eeuwse vaardigheden implementeren, beginnend bij een van onze kernwaarden: creatief denken en handelen. Maar hoe kan een leerkracht het creatief vermogen in de klas vergroten binnen een vak als wereldoriëntatie?

De 21e eeuwse vaardigheden worden in de literatuur zowel als vaardigheden en competenties omschreven. Beide zijn vakoverstijgend en persoonsgebonden. De vaardigheden creëren, kritisch denken, probleemoplossend vermogen en samenwerken gaan vaak samen met creatief denken. De scholen die hiermee werken doen dit vaak in projectvorm waarin met vakoverstijgende methodes wordt gewerkt (Thijs, Fisser & Van der Hoeven, 2010)

21e eeuwse vaardigheden (Thijs, Fisser & Van der Hoeven, 2010)

Wat is creatief vermogen?

Het creatief vermogen is de overkoepelende term voor creatief denken en handelen. Vaak denkt men dat dit vermogen alleen ontwikkeld wordt bij vakken als handvaardigheid en tekenen, echter kan dit vermogen ook vergroot worden in andere vakken. De scholen die hiermee werken doen dit vaak in projectvorm, waarin met vakoverstijgende methodes wordt gewerkt (Thijs et al., 2014). Om creatief vermogen te ontwikkelen moet er gezorgd worden dat de leerlingen intrinsiek en extrinsiek gemotiveerd zijn. De leerkracht moet de leerlingen coachen en faciliteren tijdens het creatief (denk)proces. Om deze reden is besloten om met een project te starten binnen wereldoriëntatie, waarin wij vooraf en achteraf het creatief vermogen meten.

Hoe meet je creatief vermogen?

Er is gekeken naar drie testen om het creatief vermogen te meten. Deze zijn onderzocht en vervolgens is bekeken welke test zou kunnen worden afgenomen in groep 7/8. TNO heeft in opdracht van het ministerie van OCW een meetinstrument ontwikkeld waarmee de mate van creativiteit bij leerlingen vastgesteld kan worden. De test van TNO meet competenties van creatief vermogen:

  • Nieuwsgierig,
  • Vindingrijk,
  • Volhardend,
  • Anders durven zijn,
  • Interacterend met anderen,
  • Output gericht,
  • Trots op je werk.

Daarnaast meet de test ook de omgevingsfactoren op school: richting, ruimte en ruggesteun.

De leerlingen scoorden bij de startmeting al erg hoog op de test, waardoor verwacht kon worden dat het creatief vermogen niet significant zou gaan toenemen tijdens de innovatie. Maar hoe geef je zo’n innovatie vorm?

De innovatie

Om het creatief vermogen van de leerlingen uit mijn klas te vergroten heb ik de creatieve (denk)modellen, Bloom’s taxonomie en projectwerk naast elkaar gelegd en mijn innovatie daarop gebaseerd (tabel 1). Uit een eerdere literatuurstudie kwam naar voren dat er vaak thematisch, vakoverstijgend en met projectwerk gewerkt wordt om het creatief vermogen te vergroten. Ik heb gekozen om met een actueel thema te gaan werken, waar de interesse van de leerlingen snel mee gepakt kon worden, ‘De Verkiezingen’.

Tabel 1: fases projectwerk Laevers et al. (2004) en overeenkomsten met het creatief (denk)model (Wallas, 1926; Sawyer, 2011; SLO Nationaal Expertisecentrum voor Leerplanontwikkeling, 2015; Informatiepunt Onderwijs & Talentontwikkeling SLO).

Het project over de verkiezingen

Aan de hand van het projectwerk van Laevers et al. (2004) heb ik het project vormgegeven. Gedurende twee weken hebben de leerlingen vol enthousiasme gewerkt aan het project over de verkiezingen. Allereerst hebben zij kennis opgedaan over bestaande politieke partijen en deze gepresenteerd aan de groep. De leerlingen gaven elkaar voor deze presentatie tips en tops. Vervolgens hebben de leerlingen in groepen nagedacht over wat zij zouden willen veranderen of verbeteren op school. Daarna hebben de leerlingen hun eigen partij opgericht. In hun partijprogramma kwamen hun verbeter –en veranderpunten terug. Vervolgens hebben ze een betoog geschreven en heeft de lijsttrekker deze gehouden voor de groepen 6 ,7 ,7/8 en 8. De leerlingen van deze groepen mochten stemmen op de partij van hun keuze. De partij die zou winnen mocht in gesprek met de directrice over hun verbeterplannen voor de school. De leerlingen werden formatief beoordeeld op het creatieve proces en het creatieve product.

Tips voor in de praktijk:

  1. Geef de les vorm via het creatieve (denk)model, Bloom’s Taxonomie of projectwerk.
  2. Werk vakoverstijgend.
  3. Wees een coach.
  4. Gebruik een onderwerp wat in de belevingswereld van de leerlingen ligt of een actueel thema.
  5. Neem minstens drie of vier weken de tijd voor een project.
  6. Geef instructie over hoe je kunt samenwerken.

Waardevol

Kijkend naar het verschil tussen de voor –en nameting is te zien dat er geen statistisch significante toename was in het creatief vermogen. Op basis van de evaluatie met de leerlingen kwam naar voren dat ze op het gebied van samenwerken veel geleerd hebben. Ze vinden projectmatig werken leuk, geven aan meer te leren en ervaren meer plezier in het werken met de leerstof. Hieruit kan je concluderen dat projectmatig werken binnen de vakken van wereldoriëntatie, het creatief vermogen van de leerlingen heeft gestimuleerd. Na het project ben ik met de hele klas naar de stembus geweest om te gaan stemmen. Dit was zeer waardevol. In de toekomst gaan wij als school ook zeker verder om wereldoriëntatie thematisch aan te gaan bieden. Wel raden wij aan om genoeg tijd te nemen, bestaande projecten of vakoverstijgende methodes te gebruiken, leerkrachten te begeleiden in hun rol als coach en instructie op samenwerken te geven. Wij hebben op school de smaak te pakken. Jullie ook?

 

Irene van den Hoogenband
Leerkracht groep 8 en schoolopleider bij stichting KPOA
Student master Leren en Innoveren

 

 

Download dit artikel in pdf formaat hier >  Artikel creatief vermogen

 Literatuurlijst

Laevers, F., Heylen, L., Daniels, D., Herbots, E., Van Keer, F., & Wijnen, M. T. (2004). Ervaringsgericht werken met 6- tot 12-jarigen in het basisonderwijs. Leuven, België: CEGO Publishers.

Sawyer, R. K. (2011). Explaining Creativity: The Science of Human Innovation. New York, NY: Oxford University Press

SLO Nationaal Expertisecentrum voor Leerplanontwikkeling. (2015). Voorbeeld Leerplankalender. Geraadpleegd op 2 oktober 2016, van http://curriculumvandetoekomst.slo.nl: http://curriculumvandetoekomst.slo.nl/21e-eeuwse-vaardigheden/creatief-denken-en-handelen/voorbeeldmatig-leerplankader

SLO Nationaal Expertisecentrum voor Leerplanontwikkeling. (z.j.). Blooming lessen. Geraadpleegd op 9 oktober 2016, van https://talentstimuleren.nl: https://talentstimuleren.nl/thema/stimulerend-signaleren/rijke-leeractiviteiten/bloom/blooming-lessen

Thijs, A., Fisser,P. & Hoeven, M. van der (2014). 21e eeuwse vaardigheden in het curriculum van het funderend onderwijs. Enschede: SLO

Wallas, G. (1926). Thr art of thought..

 

Dit bericht werd geplaatst op door .

2 gedachten over “Creatief vermogen binnen wereldoriëntatie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *