Curiosity, what else…?

ikzouweleenswillenwetenDavid interviewt Martijn Sytsma. Martijn is docent Sport & Bewegen op het AOC Oost en Coach op Het Groene Lyceum. Daarnaast is hij student Master Leren & Innoveren. Zijn ding? Nieuwsgierigheid!

Voor je studie doe je onderzoek naar nieuwsgierigheid, vertel eens.

Ik heb onderzocht welke aspecten van het onderwijs, zoals we dat op het Groene Lyceum van AOC Oost verzorgen, een positieve invloed hebben op de nieuwsgierigheid van leerlingen. Daarbij veronderstelde ik een sterke relatie tussen de mogelijkheid voor leerlingen om hun eigen vragen te kunnen onderzoeken in combinatie met leren over verschillende type vragen en nieuwsgierigheid. Daarvoor heb ik rondom een project een voor- en nameting gedaan, met behulp van een vragenlijst, en tijdens het project interviews met verschillende groepjes leerlingen gehouden.

Wat was het onderwerp van dat project?

Het project ging over ‘lifestyle’; leerlingen kozen uit tien verschillende lifestyles een lifestyle waar ze nog niet zoveel van wisten om onderzoek naar te doen. Op basis van de ingevulde vragenlijsten werden de leerlingen ingedeeld naar de mate en soort van nieuwsgierigheid die ze aangaven te hebben. Voor de nieuwsgierige leerlingen was het vooral belangrijk dat ze konden kiezen in onderwerp; ze konden gaan voor een onderwerp dat aansloot op een al bestaande interesse of iets anders wat ze het meest aansprak. Voor de minder nieuwsgierige leerlingen leek dit in eerste instantie minder van belang. Ze hadden liever wat anders gedaan, maar als ze dan toch moesten kiezen, dan maar iets wat zo dicht mogelijk bij een bestaande interesse lag.

Wat moesten de leerlingen vervolgens doen?

nieuwsgierig1De leerlingen gingen hun eigen onderzoeksvragen stellen. Voor de nieuwsgierigen vooral van belang om hun onderzoek wat gerichter te maken. Hun nieuwsgierigheid ging duidelijk over ‘leuk’, ‘ergens meer over te weten komen’, ‘ontdekken’: nieuwsgierigheid vanuit interesse. Voor de minder nieuwsgierigen leek dit van groot belang. Het stellen van vragen confronteert namelijk met een tekort: Je weet iets niet. Dat was in de gesprekken met leerlingen een kantelpunt: Nu wil ik het antwoord weten ook! De achterliggende theorie die ik heb gebruikt noemt dit curiosity as a feeling of deprivation (nieuwsgierigheid als een gevoel van gemis). Hierna was er eigenlijk geen onderscheid te maken tussen de verschillende type leerlingen. Ze wilden allemaal graag antwoord op hun vragen en daar maakten ze geen half werk van. Ze gebruikten bijvoorbeeld allemaal meer bronnen dan verplicht want “je wilt toch een compleet antwoord hebben op je vragen”.

Hoe faciliteer je een en ander als docent?

Ik heb gekeken naar de rol van de docent en die van ‘informatie’. Dat laatste is een lastige, want informatie is passief en zal iemand niet ‘zomaar’ nieuwsgierig maken. Het lijkt vanuit de theorie wel essentieel: geef leerlingen niet te weinig informatie, maar ook niet te veel. In het project is er voor gekozen om geen informatie te geven, behalve dan de clichématige foto’s van lifestyles op basis waarvan de leerlingen een keuze konden maken. Dat maakte de rol van de docent juist weer extra belangrijk: een ‘wegenwacht’ noemde een leerling het. “Als je vast zit, stelt zij op zo’n manier vragen dat het makkelijker wordt, maar toch ook niet, waardoor je het weer verder wilt onderzoeken.” Wat ik mooi vond was dat de leerlingen helemaal geen antwoorden van de docent willen, ze willen er echt zelf achter komen. Maar de docent was wel essentieel als coach en gids om leerlingen over of om een drempel heen te helpen of om een ‘routekaart’ uit te delen. Ik denk dat het nog wel eens vergeten wordt dat leerlingen geen ervaren (onder)zoekers zijn. Leerlingen lopen dan vast in frustratie en worden op die manier niet beloond voor hun nieuwsgierigheid.

Kun je al wat over de opbrengsten van het onderzoek prijsgeven?

Hm ja, het onderzoek geeft ten eerste hints wat betreft het rekening houden met verschillen in nieuwsgierigheid tussen leerlingen, het geeft verder zicht op de rol van de docent daarbij en laat ten slotte – voorlopig tenslotte – zien hoe belangrijk de hele cyclus van interesse, vragen stellen – onderzoeken – antwoorden – en weer nieuwe vragen vinden, is voor de nieuwsgierigheid van de leerlingen. En niet te vergeten: als nieuwsgierigheid een doel wordt binnen onderwijs, dan is het van belang leerlingen te leren zichzelf nieuwsgierig te maken. Leer ze dus zelf – verschillende – vragen stellen en onderzoeksstrategieën!

Is het kunstje of verandert er ook iets in de grondhouding van de leerling?

brebadIemand nieuwsgierig maken is een kunstje. Zie reclame. Ken je het boek van Roland van der Vorst hierover?  Misschien zijn films of series wel een beter voorbeeld. Er wordt daar zo met informatie gespeeld dat je erg nieuwsgierig wordt. In ‘whodunnit’s’ wordt bewust informatie achtergehouden zodat je zelf mee gaat zoeken naar de dader. Cliffhangers worden gebruikt om mogelijkheden open te laten, je gaat zelf al invullen hoe het verder zou kunnen gaan. De kern van dat ‘genoeglijk gemis’ (van der Vorst, 2011) is dat je geconfronteerd wordt met iets niet weten, maar dat je uitzicht hebt op het wel te weten. Wat een prettig gevoel is. Dit zijn ‘kunstjes’ die je ook in een onderwijscontext in zou kunnen zetten. Daarbij is vragen stellen, of ‘het oproepen van een genoeglijk gemis’ essentieel. Volgens Kashdan (2010) moet je dat dan gewoon zo vaak mogelijk doen: hoe vaker je iemand nieuwsgierig maakt, des te nieuwsgieriger die iemand wordt. Op dat moment verandert er dus echt iets in de persoon.

Maar wat gebeurt er als de vragen stoppen? Ik denk dat expliciteren van wat je doet – Waarom is om je heen kijken zo belangrijk? Waarom is vragen stellen belangrijk, Welke vragen geven welke antwoorden? Wat leer je van ‘met een vragende blik’ de wereld in kijken? Etcetera – en daar op een metacognitieve manier aandacht aan besteden daarom belangrijk is naast het nieuwsgierig onderzoeken zelf. Dan heeft ‘leren nieuwsgierig te worden’ – het wordt zo een beetje vervelende instrumentele terminologie voor zo’n prachtig iets… sorry – te maken met kinderen bewust om zich heen laten kijken, daar vragen over leren stellen en ze te helpen bij het vinden en ontdekken van antwoorden. Je zet dan inderdaad kunstjes in om kinderen te laten ontdekken dat je van dat proces kunt genieten. Maar zo kun je volgens mij ook daadwerkelijk iets veranderen in de grondhouding.

Ik las in een blog van je dat je ervoor pleit om het begrip talent te vervangen door nieuwsgierigheid. Leg eens uit?

Het gaat daarbij om het begrip ‘talent’ in het strategisch beleidsplan van onze school. Let op, ik pleit niet voor het afschaffen van aandacht voor talent. Al helemaal niet op het vmbo, waar leerlingen toch al niet overlopen van het zelfvertrouwen. Als algemeen uitgangspunt voor onderwijs (we gaan uit van het talent van de leerling) vind ik het echter een te smal perspectief. Ik denk dat het een taak in het onderwijs is om leerlingen te helpen ontdekken waar ze goed in zijn, maar ook waar ze niet goed in zijn (cursivering redactie). Ik vind het verder een belofte die je niet waar kan maken, kinderen weten vaak helemaal niet wat hun talent is, laat staat dat wij als docenten daar vanuit kunnen gaan. En dat nog los van het idee dat er ook een hoop negatieve talenten zijn die we liever niet ontwikkelen.

dr satanDat laatste is wel een beetje flauw, nieuwsgierigheid heeft natuurlijk ook een ‘duistere kant’. Maar die laatste biedt wat mij betreft wel meer aanknopingspunten om daadwerkelijk vanuit zo’n strategisch beleidsplan te vertalen naar de praktijk. De praktijk in de klas: nieuwsgierig kijken naar jezelf (wat vind je mooi, moeilijk, spannend, wat kun je, wat zou je willen kunnen, …) en naar de wereld om je heen (zie alle voorgaande vragen!). Maar het biedt ook implicaties voor wat je van docenten verwacht voor wat betreft hun nieuwsgierigheid. Welke ontwikkelingen op mijn vakgebied zijn er? Hoe passen die in mijn dagelijkse praktijk? Op die manier vind ik ‘nieuwsgierigheid’ een veel bredere en zinvollere basis dan ‘talent’. (Lees hier de betreffende blogpost)

MartijnsytsmaMartijn Sytsma

Docent Sport & Bewegen op het AOC Oost
Coach op Het Groene Lyceum
Student Master Leren & Innoveren
Weblog van Martijn: ‘Let’s go exploring!’:

 

Literatuur / referenties:

  • Vorst, R. Van der (2011) Nieuwsgierigheid, hoe wij elke dag worden verleid. Nieuw Amsterdam.
  • Kasdan, T. (2010). Nieuwsgierig? Spectrum.
Dit bericht werd geplaatst op door .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *